Vlaggen

“Ik heb er vijf”, zegt hij triomfantelijk. Het is zo lang stil gebleven achterop de fiets dat ik dacht dat hij in slaap gevallen was. Blijkbaar heeft hij op iets zitten broeden. “Vijf wat?” vraag ik. “Ik heb vijf vlaggen”, antwoordt hij. Hij is op een leeftijd dat jongetjes met vlaggen bezig zijn, die lappen stof die symbool staan voor landen en volken. Onze kleinzoon, die toen hij een peuter was een tijd bij ons heeft gewoond. Sindsdien komt hij minstens een keer per week logeren terwijl hij verder weer bij zijn moeder, onze dochter, woont.

Ik ben nieuwsgierig naar wat hij bedoelt met zijn vijf vlaggen. “Mijn eerste vlag is Nederland, want daar woon ik”, zegt hij. “En twee, dat is de vlag van Duitsland, want daar komt mijn vader vandaan.” Nummer drie kan ik al een beetje raden en inderdaad: “Mijn derde vlag is Bangladesh, omdat mama daar geboren is.” Ik kan er nu niet meer bedenken, maar hij gaat door: “Vier is van Schiermonnikoog, met jullie toch?” Dat is mooi, dat staat symbool voor de band die wij met hem hebben. Hij gaat sinds jaar en dag met ons mee naar dat eiland. En vijf? “Vijf is oranje, van het voetballen!” Ja natuurlijk, van de Hollandse oranjegekte heeft hij ook wat meegekregen.

Tjonge, denk ik, we kunnen lang praten over hoe we een kind voorlichten over zijn achtergrond, maar zo’n jongetje heeft het zelf al uitgedokterd. Geen ingewikkelde verhalen, hij denkt in vlaggen.

 


Tags: ,