Je pleegkind op het internet

Auteur: Martine Delfos  

De meeste kinderen zijn gek op computers met internet. Veel ouders vragen zich af wat ze er toch allemaal doen. Hetzelfde geldt voor pleegouders en pleegkinderen. We vroegen Martine Delfos naar haar mening over pleegkinderen en internet. Van haar hand verscheen in 2008 de uitgave ‘Virtuele ontwikkeling van de jeugd’ en begin 2010 verschijnt ‘Let’s game. Over games en gaming. Voor ouders en hun gamers’.

Een pleegkind is gewoon een kind, maar voelt zich anders dan anderen. Hij of zij wil net als alle kinderen contact hebben met leeftijdgenoten. Voor een kind dat zich anders voelt, is dat lastiger. Het wil vaak zijn positie van pleegkind verbergen om ‘gewoon’ mee te kunnen doen. Ook een pleegkind wil een echte vriend die hem begrijpt en met wie hij op kan trekken. De computer met internet is een enorme wereld waar kinderen leeftijdgenoten kunnen ontmoeten op ieder moment dat ze daar zin in hebben.

Onderzoek heeft echter laten zien dat een vriend in het werkelijke leven (RL) niet hetzelfde is als een in het virtuele milieu (VM). Het VM omvat tv en video en daarnaast computer, mobieltje en consoles met internet. Als het over een vriend gaat bij het gamen, wordt er al snel gevraagd: “Een M8 of een RLF?”. Het is een groot verschil: een M8 (Meight = mate = maat) blijkt niet zo diep te gaan als een RLF (Real Life Friend).

Vluchtweg

Een pleegkind heeft een bijzondere positie. Hij of zij is gekomen en kan dus ook weer (moeten) gaan. Het heeft een specifieke angst: de pleegangst. Het ongemakkelijke van een positie waarin een kind zich verbindt met andere gezinsleden waar het in feite bij hoort, maar toch ook niet helemaal. Er is angst om uit dit gezin weg te moeten gaan en angst om als mens niet te ‘voldoen’. Ook is er angst dat ouders boos worden als het kind om zijn pleegouders gaat geven of dat de pleegouders boos worden als het om de eigen ouders blijft geven terwijl die hun kind in de steek hebben gelaten. Angst omdat het kind veel aan zijn hoofd heeft en zo ook niet op school het beste uit zichzelf kan halen. Een pleegkind is bang te verliezen wat het in het pleeggezin krijgt. Als pleegouders dat beseffen, zijn ze minder ongerust om het gedrag van het kind. Pleegkinderen willen vaak vluchten van de dagelijkse werkelijkheid die ze niet altijd makkelijk vinden. Ze willen even ‘vakantie in hun hoofd’. Het VM biedt een enorme mogelijkheid om weg te vluchten. Aan het beeldscherm gekluisterd kun je je zorgen vergeten. Je maakt een geweldige profielpagina en hoopt dat je veel vrienden zult krijgen. Echter, ook op internet neem je jezelf mee.

Veerkracht

Internet is een grote kans. Er is zoveel te beleven en te ontdekken. Ieder kind heeft echter wel begeleiding nodig om niet de weg kwijt te raken en zelfs in de problemen te komen. Een kind dat  kwetsbaar is, neemt dat mee in het VM. Daar kan het leren sterk te worden, maar ook daar is het risico er om gekwetst te worden. Om dat te voorkomen hebben kinderen de bodem nodig die hun ouders bieden door opvoeding en door er voor hen te zijn. Voor een pleegkind ligt dat wat lastiger. Die moet vaak nog hard werken aan het opbouwen van de relatie en die relaties zijn niet vanzelfsprekend. Alle zorgen van een pleegkind naast elkaar, zijn er heel wat. Gelukkig zijn de meeste kinderen heel sterk. Pleegkinderen hebben veelal voor hete vuren gestaan en trauma’s doorstaan die een kind bespaard
zouden moeten blijven. Hun enorme veerkracht is meestal wel te danken aan de problemen die ze het hoofd hebben moeten bieden. Ook hiervoor geldt dat er een bodem moet zijn om op te staan en dat is een warme relatie. Eén warme relatie in een gezin werkt al beschermend.

Context kwijt

Kinderen die verdrietig zijn, kunnen hun verdriet kwijt op internet. De vele virtuele werelden en de talloze chats geven de mogelijkheid om met veel leeftijdgenoten in contact te komen. Toch lopen ze tegelijk het risico dat ze in een verdrietige fuik meegetrokken worden en steeds dieper in hun verdriet terechtkomen. Internet gaat zo snel, er is nauwelijks kans om alle ervaringen te verwerken. Daar komt nog bij dat (pleeg)ouders weinig vragen naar de ervaringen van hun kinderen op internet. Hierdoor raakt het kind de context soms kwijt en ziet het alleen nog maar de problemen. Het VM draagt ook een groot risico tot verslaving met zich mee. De beloningen en straffen volgen elkaar snel op en zorgen ervoor dat de speler ‘nog éven’ doorgaat. Hoeveel problemen er ook zijn, het genot wint! Kinderen zijn er niet weg te slaan. Het is niet eenvoudig om een kind bij een computer weg te krijgen, uit de zandbak gaat gemakkelijker.

Kwetsbaar

Het Habbo Hotel is een virtuele wereld, gemaakt voor tieners van twaalf tot twintig jaar. In feite zijn het vrij kinderlijke graphics, tekeningen. Een soort getekend playmobiel. Het voordeel is dat de gamemaster bij het Habbo Hotel ver ontwikkeld is. Als je iets vervelends meemaakt, kun je het meteen melden en dan wordt er voor een oplossing gezorgd. Het is er voor tieners daardoor relatief veilig. Het is redelijk begrensd en kinderen voelen zich pas vrij als ze begrensd worden. Op het Habbo Hotel komen in Nederland iedere dag zo’n 80.000 tot 100.000 kinderen! Toch moet je sociaal al aardig vaardig zijn om je staande te houden in zo’n virtuele wereld en er kan niet voorkomen worden dat je er nare dingen meemaakt. Hoe kwetsbaarder je bent, des te groter het risico.

Virtuele opvoeding

Ouders en opvoeders zijn een beetje bang van de computer en internet. Dat betekent niet dat ze ouderwets zijn. Het punt is niet de computer, console, mobiel of internet. Het probleem is dat kinderen daar onbedoeld een beetje in de steek zijn gelaten. Ouders hebben niet in de gaten gehad hoe belangrijk het VM is en dat kinderen daar net zo goed als elders opgevoed moeten worden. Het probleem is dus vooral dat ze niet opgevoed zijn en aan hun lot zijn over­gelaten. Dan gaan kinderen soms gekke dingen doen.

Als voorbeeld neem ik wel eens de fiets. Aan fietsen zijn toch ook forse regels gesteld omdat het anders te gevaarlijk zou zijn? Toch is de fiets een heel handig ding en dat is internet ook! Een nog duidelijker voorbeeld is het spelen van kinderen. Als je kleintjes niet zou opvoeden, slaan ze elkaar, bijten en pakken elkaars speelgoed af. Daar voeden we kinderen in op. We zeggen: “Niet bijten, dat doet dat kindje pijn.” Of: “Niet zomaar afpakken, dat is van Teun, als je ermee wilt spelen dan moet je het vragen.”

Opvoeding zorgt ervoor dat kinderen met kinderen leren spelen en dat vinden ze heerlijk. In het VM moeten kinderen ook opgevoed worden. Ze hebben recht op een gezonde virtuele ontwikkeling. Generaties moeten zich niet tegen elkaar afzetten, maar met elkaar praten. Samen moet je de veranderende wereld vormgeven. Het pleegkind heeft, voordat het in een gezin komt, vaak al een stuk opvoeding gekregen. Een die je als pleegouders niet goed kent en die misschien heel anders is dan je gewend bent. Het pleegkind moet in een gezin ook leren wat de regels, gewoontes en verwachtingen zijn. Misschien heel anders dan het kind gewend is. Vaak was de opvoeding in het VM voor de pleeggezinplaatsing zo dat alles toegestaan was, dat er geen grenzen waren. Het kind dreigt dan gewend te raken aan wegvluchten in die wereld. Toch hoef je als opvoeder niet echt bang te zijn. Kinderen willen opgevoed worden. Ze bedanken je niet, maar ze gedragen zich er al vrij snel naar: let maar op.

Adviezen

Een paar adviezen uit ‘Let’s game’:

1   Maak je geen zorgen, opvoeding helpt.
2   Bang dat je te laat bent? Nooit!
3   Kinderen willen grenzen, anders voelen ze zich niet eens vrij. Het geeft hun houvast.
4   Als je hen niet opvoedt, kun je ook niet verwachten dat ze zich goed kunnen gedragen en niet in de problemen komen.
5   Games zijn geweldig en leerzaam, maar mensen willen het liefst contact met mensen.
6   Buiten spelen is nog steeds favoriet bij kinderen, ook als dat niet zo lijkt wanneer ze uren achter de computer geplakt zitten.

Zorg dus dat je kinderen opvoedt in het VM, dat je hen begeleidt. Realiseer je dat pleegkinderen weg kunnen duiken in het VM en daardoor het contact met het gezin en met de kinderen om hen heen verliezen. Als ze te lang achter de computer of aan het mobieltje zitten, verliezen ze zichzelf. Voorkomen is beter dan genezen. Het VM is een prachtige, wondere wereld, maar alleen als het kind zich er veilig voelt en zijn ervaringen met zijn (pleeg)ouders kan delen.                                                                         <

Dr. Martine F. Delfos is biopsycholoog en lector Virtuele Ontwikkeling van de Jeugd aan de Hogeschool Edith Stein te Hengelo. Informatie over haar werk: www.mdelfos.nl

BoekenMartine F. Delfos, ‘Virtuele Ontwikkeling van de jeugd’. Amsterdam: SWP
Martine F. Delfos, ‘Let’s game. Over games en gaming. Voor ouders en hun gamers’. Amsterdam: SWP.


Tags: ,