Blokkaderecht in de praktijk

Het blokkaderecht is het recht van de pleegouders om een overplaatsing te blokkeren. Of de overplaatsing vervolgens tegengehouden kan worden, is aan de rechter. Het blokkaderecht hebben pleegouders als zij langer dan een jaar (#1) voor het pleegkind zorgen met instemming van de ouder met gezag (een vrijwillige plaatsing) of van de voogd (plaatsing in het kader van voogdij). De ouder met gezag of de voogd moet, als de pleegouders zich op het blokkaderecht beroepen, vervangende toestemming vragen aan de kinderrechter om het pleegkind over te mogen plaatsen.

Hoe werkt het blokkerecht nu concreet? Een voorbeeld in het kader van een voogdijplaatsing:

Jason woont vier jaar in een pleeggezin. De eerste periode was er sprake van een ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing, maar sinds anderhalf jaar is er sprake van voogdij omdat de moeder van het gezag is ontheven. Bureau Jeugdzorg heeft de voogdij over Jason. Bureau Jeugdzorg wil Jason in een instelling plaatsen. De pleegouders zijn het hier niet mee eens.

Omdat er sprake is van voogdij hoeft Bureau Jeugdzorg geen machtiging tot uithuisplaatsing voor een instelling te verzoeken aan de kinderrechter: Bureau Jeugdzorg kan Jason dus overplaatsen op basis van de voogdijmaatregel. In het kader van de voogdij mag de voogd namelijk de verblijfplaats van het kind bepalen en komt de kinderrechter er dus op deze wijze niet aan te pas. De pleegouders schrijven Bureau Jeugdzorg een korte maar duidelijke brief waarin ze aangeven dat Jason langer dan een jaar in het kader van voogdij in hun gezin woont en waarin ze zich op het blokkaderecht beroepen omdat ze het niet eens zijn met de overplaatsing. Bureau Jeugdzorg moet nu aan de kinderechter vervangende toestemming vragen om Jason over te mogen plaatsen. Als de kinderrechter het verzoek van Bureau Jeugdzorg afwijst (en dus geen vervangende toestemming verleent), kunnen de pleegouders om de voogdij over Jason verzoeken (#2) opdat de zeggenschap volledig bij hen komt te liggen.

Het is van belang om de voogd of de ouder met gezag schriftelijk te laten weten dat u zich als pleegouder op het blokkaderecht beroept. Het is raadzaam in de brief te vermelden dat het pleegkind niet meegenomen mag worden zonder instemming van de kinderrechter. Bij het opstellen van de brief kunt u zich desgevraagd laten ondersteunen of adviseren door de pleegzorginstelling.

Wanneer u zich tegenover de ouder met gezag beroept op het blokkade­recht, is het van belang dat de ouder zich laat adviseren en bijstaan door een advocaat, zodat de ouder weet dat u als pleegouder in uw recht staat. Zolang u zich als pleegouder op het blokkaderecht beroept en de voogd/ouder met gezag geen vervangende toestemming heeft verzocht (en gekregen) van de kinderrechter, mag de ouder met gezag/voogd het pleegkind niet meenemen. Om de reikwijdte van het blokkaderecht goed te kennen en goed toe te passen, is het raadzaam dat u zich als pleegouder laat adviseren/ bijstaan door een advocaat.         <

(1)           Er zijn rechters die de plaatsingstijd in het kader van de ots voorafgaande aan de voogdij ook meerekenen.

(2)           Ze verzoeken dan om ontzetting van de voogd, in dit geval Bureau Jeugdzorg.

Mariska Kramer is advocaat bij Leger des Heils Jeugdzorg en Reclassering en werkt als zelfstandig advocaat in Amsterdam aan de Middenweg 57a.


Tags: ,