Het testosteron van de kleine Tarzan

Auteur: Menno Tuik  

Via de media komen er af en toe verontrustende signalen over de opvoeding van jongens. Zij zouden te veel vrouwelijke rolmodellen te zien krijgen in hun opvoeding en daardoor een verstoorde ontwikkeling doormaken. Menno Tuik heeft jarenlange ervaring als docent, trainer en coach van onder meer jongens. Hij legt uit wat jongens anders maakt dan meiden en wat zij nodig hebben in hun opvoeding.

Jongens tussen de tien en veertien jaar worden wel eens ‘de kleine Tarzan’ genoemd. Ze zijn vaak een kop kleiner dan meiden van dezelfde leeftijd, maar krijgen rond die leeftijd een enorme boost testosteron. Het gevolg hiervan is dat ze stikvol energie zitten. Met die energie kan niet iedere volwassene uit de voeten, vooral vrouwen hebben er wel eens moeite mee. Het gros van de mensen die in de kinderopvang en het onderwijs werken is vrouw. Daarnaast zijn er hoe langer hoe meer gebroken gezinnen, waarbij het nog vaak zo is dat de kinderen automatisch aan de vrouw worden toegewezen. Als het tegenzit, heb je dus als jongen tussen je vierde en je vijftiende geen man als rolmodel.

Jongens komen in actie

Volgens mij is het voor een evenwichtige ontwikkeling van jongens, maar ook van meisjes, belangrijk dat ze zowel vrouwen als mannen als rolmodel hebben. Over het algemeen gaan vrouwen eerder het gesprek aan, terwijl mannen geneigd zijn om in actie te komen. Dat zie ik al bij mij in de gymzaal. Meiden gaan op de bank zitten en gaan kletsen. Jongens daarentegen komen gelijk in actie. Sterker nog: ze zoeken de grenzen op, gaan er soms overheen en dan gaat er wel eens wat mis!

Wanneer ik bijvoorbeeld even naar het toilet zou moeten, gaan jongens proberen de lampen van de gymzaal te raken met een bal. Het heeft geen zin om deze jongens er dan uit te sturen. Daar heb je jezelf mee te pakken. Ik zou veel meer willen zien dat er rekening in het onderwijs wordt gehouden met testosteron. “Stilzitten, Jantje!” “Maar ik heb testosteron, juf, ik wil bewegen!” Dit zou kunnen pleiten voor ‘voorschoolse’ sport, van bijvoorbeeld acht tot negen uur met om de acht weken een andere sport. Op de basisscholen kan veel meer met stoei­spelen gedaan worden om tegemoet te komen aan jongensgedrag.

Weerbaarheid

Het ‘vrouwelijke’ verbale leren slaat bij jongens niet altijd aan, simpelweg omdat hun brein anders werkt. Zij leren niet door te praten, zoals meiden, maar door te doen, te experimenteren en te onderzoeken. Daar speelt Rots & Water (1) op in. Het weerbaarheids­programma leert jongens door middel van fysieke oefeningen vat te krijgen op hun energie en emoties. De agressie van jongens moet tenslotte ergens heen. De methode wordt inmiddels in veel landen door ruim tienduizend trainers toegepast. Tijdens het stoten en trappen gaat het om beheersing. Competitiedrift onder pubers is sterk, merk ik. Ze zijn bang om af te gaan. Ze weten niet goed wat er van hen wordt verwacht. Wat is nou een echte man? Voorheen was dat duidelijk: het type Marlboro-man, stoer en dapper. Jongens hebben een voorbeeld nodig. In iedere nieuwe sociale situatie zoeken ze naar de rangorde. Elk schooljaar wordt opnieuw bepaald: wie is de Bokito van de klas?

Je kunt het leven niet mooier maken dan het is, maar je kunt jongeren wel leren om te gaan met tegenslag en het beste uit zichzelf te halen. Iemand kan blijven ‘chillen tot ie een ons weegt’ of iets gaan ondernemen. Bij ruzie kun je erop slaan of even bij jezelf nagaan of dit het waard is om voor te vechten. Ik geef jongens mee dat ze altijd een keuze hebben. Dat is goed om te weten. Of zoals een leerling van mij het zei: “Bedankt om mij te leren dat ik een diamant heb!”
De diamant, dat zijn de kwaliteiten die alle jongens hebben, alleen weten ze vaak niet dat ze die hebben.

Weetjes over jongens
•   Jongens praten gemakkelijker over emoties als ze bewegen of iets doen. Ze zijn dan ook meer ontvankelijk voor hulp.
•   Jongens overschatten hun eigen kunnen veelal en onderschatten de taak. Probeer het samen met hen in stukjes te delen.
•   Jongens hebben vaak weinig zelfkennis omtrent hun leergedrag en hebben daar dan ook vaker feedback over nodig.
•   Jongens die veel in de branie en bluf zitten, geven na een mislukking sneller op. Zij proberen het geen tweede keer en zijn bevreesd om te falen. Zoek zaken op waarin ze kunnen slagen, later komen dan de lastiger dingen.

Tips voor (pleeg)ouders, leerkrachten en verzorgers:
•   Maak (werkelijk) contact. Zoek waar de kwaliteiten van jongens zitten en laat merken dat je die ziet.
•   Wees helder in grenzen. Realiseer je dat verbieden remt, blokkeert en geen richting geeft. Gedrags­verandering bereik je eerder door te belonen en te prijzen.
•   Voorkom dat jongens zich schamen. Vraag “Vertel eens, wat er is gebeurd?” in plaats van “Hoe heb je dat kunnen doen?”
•   Wees tactisch met kritiek. Jongens pikken veel meer als je hen ook waardeert in zaken waar ze goed in zijn.
•   Voorkom strijd en geef jongens de kans om zich te herstellen. Afgang werkt averechts.
•   Jongens houden van fysiek contact. Geef ze af en toe een hand, klap op hun rug of schouder als ze iets goed gedaan hebben.

Als volwassenen optimistisch zijn over de toekomst van jongens, worden ze het zelf ook. Te vaak hangt er een doem over jongens. De maatschappij heeft last van hen. Gevolg is dat veel jongens bang zijn voor zichzelf, hun eigen toekomst en soms liever niet echt op willen groeien. Naast alcohol en drugs krijgen ook computeren en gamen (daar heb je vat op jezelf) een vlucht- en isolatiefunctie. Jongens hebben soms regels nodig omdat zij hun energie nog niet in balans hebben. Ze gaan pas aan het werk als duidelijk is:
•   wie de baas is,
•   wat de regels zijn (structuur die nog niet verinnerlijkt),
•   of regels consequent worden toegepast.

Dat geeft hun de veiligheid en de rust om te leren.
Ik heb in mijn praktijk veel jongens gezien die hun masker afzetten wanneer ze zich veilig voelen en in contact met hun gevoel komen.                                  <

Meer informatie over dit onderwerp en over de praktijk van Menno Tuik: www.buroweerbaarheid.nl en www.mennotuik.nl. Met dank aan Lauk Woltring, www.laukwoltring.nl.

 

) Een weerbaarheidstraining voor scholieren. Meer info: www.rotsenwater.nl. Zie ook Mobiel 2, 2008 ‘Weerbaar of kwetsbaar’.


Tags: , ,