Perspectief

In Mobiel 4, 2008 schreven we over de Dag van de pleegzorg. Deze dag gaf een overzicht van de actuele ontwikkelingen binnen de pleegzorg. In een van de lezingen op die dag pleitte onderzoeker aan de Universiteit Leiden Tonny Weterings voor landelijke richtlijnen bij een OTS of bij het al of niet opheffen van OTS, voor alle Bureaus Jeugdzorg en pleegzorginstellingen. Dit idee komt ook terug in de nota ‘Gezin boven tehuis’ die het CDA vorig jaar schreef. Mobiel kreeg naar aanleiding van dit artikel een reactie van een pleegopa: ‘opa Piet’.

Meedenkidee

Al jaren lees ik uw tijdschrift voor pleegzorg via onze zoon en schoondochter (pleegouders). Door u te schrijven kan ik eindelijk eens mijn verhaal kwijt, omdat het nu pas kennelijk een echt actueel politiek onderwerp is. Misschien heeft de politiek iets aan ons praktisch meedenkidee. Het betreft mijn reactie op de aanbevelingen in de CDA initiatiefnota pleegzorg ‘Gezin boven tehuis’ van 19 november 2007 en de reactie van de minister voor Jeugd en Gezin daarop, die u noemt in het artikel in Mobiel nummer 4 van 2008 bladzijden 8, 9 en 10.

Nestwarmte

De jarenlange ervaringen van mijn vrouw op kinderafdelingen van ziekenhuizen in combinatie met al de procedures, juridische complicaties en machtspelletjes aangaande het pleegkind van onze jongste zoon en zijn vrouw, maken dat ik denk: als ouders toch eens doorhadden c.q. bijgebracht zou (kunnen) worden wat zij hun kinderen aandoen als zij hun dagelijkse dosis belangrijker vinden dan hun verantwoordelijkheid richting kind.
Onze ‘kleinzoon’ werd in 1999 in een ziekenhuis geboren, zijn moeder was verslaafd. Ook hij heeft daar zelf een ‘tikje’ van meegekregen. Hij heeft een jaar met zijn biologische moeder rondgezworven en de zo­genaamde nestwarmte gemist. Na dit jaar bracht hij twee jaar door in twee kinder­tehuizen. Daarna is hij uiteindelijk als driejarig pleegkind opgenomen door onze kinderen. Zijn biologische vader was al uit zicht. Wij missen helaas die eerste drie jaren van zijn leven. Zijn moeder is weliswaar drie jaar geleden afgekickt, maar de uithuisplaatsing en de ondertoezicht­stelling golden al en de ontheffing van het ouderlijk gezag is onlangs uitgesproken. Hij is blij, want nu hoort hij ergens echt bij, zegt hij. Zijn verzoek ook onze familienaam te mogen dragen, lijkt ons een kwestie van tijd.

Knelpunten bespreekbaar

Om kort te gaan: ik ben het eens met de aanbevelingen van het CDA en de visie van de minister van Jeugd en Gezin daarop. Eindelijk durft men de gesignaleerde ‘knelpunten’ bespreekbaar te stellen. Onze schoondochter sluit zich als expert daarbij aan, ze heeft het als kind allemaal zelf meegemaakt.

Mijn vraag is: waarom worden kinderen als onze pleegkleinzoon niet direct na de geboorte in een wel-gezonde en wel-veilige thuissituatie en wel-perspectiefbiedend pleeggezin geplaatst? Waarom zorgt men niet meteen dat zulke kinderen niet in de knel komen? Waarom voorkomt men niet dat er van al die losse dossiers uiteindelijk toch één lopend verhaal gemaakt moet worden? Waarom voor­komt men de onnodige traumatische ervaringen niet, door hen na de geboorte zonder omwegen der bureaucratie en juridisering in een normaal gezin te plaatsen, waar ze vanaf het begin een vertrouwensband mee kunnen opbouwen? Waarom niet de kans genomen om loyaliteitsgevoelens, hechtingsproblemen, verlatingsangst, structuurproblemen en aanverwante artikelen te minimaliseren? Het scheelt ook nog eens een hoop pecunia. Het ontwikkelingsbelang van zo’n kind is daarmee veel meer gediend dan met de huidige gang van zaken, want de eerste jaren zijn van cruciaal en structuurdisciplinair belang.


Tags: ,