De bijzondere curator

De bijzondere curator (1): een belangenbehartiger, ook voor het pleegkind!

Een bijzondere curator kan door de rechter worden benoemd als er sprake is van een conflict van be­langen tussen de ouder met gezag (of voogd) en de minderjarige. De wetgever gaat er van uit dat de wettelijk vertegenwoordiger (de ouder met gezag of de voogd) de belangen van de minderjarige behartigt. Wanneer deze wettelijk vertegenwoordiger dat nalaat of de belangen strijdig zijn, kan het kind een belangen­behartiger nodig hebben. De belangenbehartiger die wordt benoemd moet onafhankelijk zijn van partijen en is meestal een advocaat of deskundige (orthopedagoog of psycholoog). Met een eenvoudig briefje aan de rechter kan om benoeming van een bijzondere curator worden verzocht, er is geen advocaat voor nodig (2). De kosten voor de bijzondere curator worden door de staat gedragen.

Ray (15)
Ray staat onder toezicht. Hij heeft twee jaar in een pleeggezin ge­woond als hij met knallende ruzie het pleeggezin verlaat. De gezinsvoogd heeft er voor gezorgd dat hij in aanmerking komt voor een zelfstandig kamertraject. Er liggen nog wat persoonlijke spullen bij de pleegouders zoals zijn ID-kaart, zijn stereotoren enzovoorts. De pleegouders weigeren deze spullen af te geven. De moeder van Ray is harddrugsverslaafde en Ray heeft van haar niets te verwachten. Ray vraagt met behulp van het AKJ (Advies- en Klachtenbureau Jeugd­zorg) bij de rechter om benoeming van een bijzondere curator. De rechter be­noemt een advocaat als bijzondere curator voor Ray om te bewerkstelligen dat hij zijn spullen terugkrijgt.

Roxy (3)
Roxy woont vanaf dat ze een aantal maanden oud was in een pleeggezin. De moeder zit in het buitenland een gevangenisstraf uit voor drugssmokkel. Roxy staat onder voogdij van Bureau Jeugdzorg omdat haar moeder in het buitenland verblijft. De moeder komt plotseling eerder vrij dan verwacht en wil weer voor Roxy gaan zorgen. Ze verzoekt de rechter om weer met het ouderlijk gezag te worden belast. Dat gebeurt. De pleegouders vragen aan Bureau Jeugdzorg om als voogd in hoger beroep te gaan tegen deze beslissing. Bureau Jeugdzorg geeft aan dat het niet in hoger beroep gaat. De pleegouders stellen daarom hoger beroep in en verzoeken de rechter om benoeming van een bijzondere curator. In dit geval een orthopedagoog, die onafhankelijk van Bureau Jeugdzorg kan onderzoeken of thuisplaatsing wel in het belang van Roxy is. De rechter is van mening dat er sprake is van een conflict van belangen tussen Roxy en Bureau Jeugdzorg als voogd en benoemt een orthopedagoog als bijzondere curator.

Naima (13)
De ondertoezicht gestelde Naima woont bijna twee jaar in een pleeggezin. Ze is met haar ouders naar Nederland gevlucht en vervolgens weggelopen omdat ze door haar vader werd geslagen. De ouders van Naima willen contact met haar en ook de gezinsvoogd vindt dat er contact moet zijn tussen Naima en haar ouders. De contacten verlopen moeizaam: eerst onder begeleiding van de gezinsvoogd en later wordt er zelfs een gezinstherapeut ingeschakeld. Na een jaar ziet Naima het echt niet meer zitten, ze wil absoluut geen contact meer. De ouders vragen de rechter om een omgangsregeling vast te stellen. De rechter doet dit. Naima is het hier niet mee eens en met behulp van de kinderrechtswinkel verzoekt ze om benoeming van een bijzondere curator, in dit geval een advocaat, zodat ze tegen de beslissing van de kinderrechter hoger beroep kan instellen.          <

(1) Zie ook Mobiel 2, 2003 en ‘Paraplu voor Pleegouders’ onder ‘bijzondere curator’.

(2) Voor meer informatie en ondersteuning kunt u (met uw pleegkind) ook terecht bij het AKJ, de kinderrechtswinkel en de Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen.

Mariska Kramer is werkzaam als advocaat voor het Leger des Heils Jeugdzorg & Reclassering en werkt als zelfstandig advocaat in Amsterdam aan de Middenweg 57a.


Tags: ,