Daar doen wij het voor!

Verhalen over hoe leuk pleegzorg is, dat mag ook wel eens. Even geen aandacht voor al die dingen waar u genoeg van heeft of waar extra aandacht of hulp bij nodig is. Soms is het ook gewoon fijn om even te bedenken waar u het ook al weer allemaal voor doet. We vroegen vele mensen uit de pleegzorg om hun verhaal te vertellen en met u te delen.

Anneriek, pleegmoeder van Alisha
“De moeder van Alisha ken ik al heel lang. We maakten wel eens een praatje in de supermarkt. Ze vroeg me een keer of ik wilde oppassen, zodat zij een avond weg kon. Ik kwam in een enorme puinhoop terecht. Haar vriend spoorde niet, de kinderen sliepen op de bank en in de keuken was niet eens een gasfornuis.

Gealarmeerd heb ik hulpinstanties gebeld. Er bleek al een traject te zijn bij jeugdzorg. Korte tijd later zijn de kinderen uit huis gehaald door de politie, omdat die vriend gewelddadig werd. Er is toen een Eigen Kracht-conferentie belegd. Alisha was vreselijk overstuur, omdat ze niet terugwilde naar de crisisopvang. Ik wilde niet machteloos toekijken. Op dat moment besloot ik dat ze bij mij kon wonen. Bij de gezinsvoogd heb ik zowel mijn verlangen als mijn twijfels geuit. Ik heb geen moment spijt gehad van mijn beslissing. Het is heel gezellig om een kind van vijf om je heen te hebben.

Ik heb zelf geen kinderen en ben al wat ouder. Een kind in huis is helemaal nieuw voor me. Ik kom in contact met jonge moeders en zie hoe kinderen met elkaar omgaan. Mijn hele leven ben ik alleenstaand geweest. Ik moet nu de wereld in om dingen te regelen en te ondernemen, dat is ook een goede stap voor mij. Alisha heeft mijn leven meer richting gegeven. Het samen dingen doen, geeft me veel vreugde en ik vind het boeiend om te zien hoe Alisha zich ontwikkelt. In het begin zat er veel verzet in haar en ze heeft me van alle kanten uitgeprobeerd. Het is daarom soms een hele klus, je weet echt niet waar je aan begint. Mijn hart zei ja en het is dan wel zwaarder, maar ook nog veel leuker dan ik had verwacht. Het is echt dik de moeite waard. Waar ik het voor doe, daar denk ik nauwelijks meer aan. Alisha is een deel van mijn leven geworden. In het begin was ik verbaasd en was haar aanwezigheid als een groot cadeau. Nu ga ik er gewoon voor en beleef veel vreugdemomenten. Haar aanwezigheid voelt echt als rijkdom.”        <

Björn, pleegkind 8 jaar:
“Ik vind pleegzorg zo leuk omdat ik met twee vaders en twee moeders veel meer cadeautjes krijg dan andere kinderen in mijn klas. Ik woon bij mijn tante en oom en mijn familie doet nog gewoon alle familiedingen. Pleegzorg doet ook leuke dingen voor ons. Zo zijn we al een paar keer een dagje uit geweest.”          <

Sjanneke, pleegkind 12 jaar:
“Weet je wat ik nou het allerfijnste vind van het pleegkind zijn? Dat ik mijn pleegouders heb leren kennen. Als ik niet lekker in mijn vel zit en rotgedachtes heb, kan ik kroelen met mijn pleegmoeder of stoeien met mijn pleegvader. En mijn pleegbroer is mijn maatje. Ik vertel al mijn ge­heim­en aan hem, nou ja, bijna al mijn geheimen.”    <

Egbert, pleegzorgbegeleider:
“Vorige week sprak ik een collega van een plaatsende instelling. Jaren geleden zocht ik voor hém een plekje. Het is bijzonder: als ik mijn ogen dicht doe, dan zie ik hem weer spelen of hoor ik hem meepraten over of er wel of geen bijplaatsing wenselijk was. Hij had als kind ook al invloed op de matching.”       <

Cobie, zorgt voor haar nichtje:
“Pleegzorg maakt het voor mij en mijn gezin mogelijk om mijn nichtje bij ons te laten opgroeien. Ze woonde al lang bij ons voor pleegzorg in beeld kwam. Het ging goed, maar we liepen wel tegen dingen aan. Pleegzorg werd erbij betrokken om ons ondersteuning in de opvoeding te bieden. Vanaf die tijd kregen wij ook een vergoeding. De vergoeding is een fijne tegemoetkoming in de kosten van de zorg voor mijn nichtje, het maakt het allemaal wat makkelijker. Ik ben ook heel blij met de pleegzorgwerker. Dankzij de steun van pleegzorg kan mijn nichtje in haar eigen familie opgroeien en zie ik haar groter worden. Dit is voor de hele familie belangrijk. Als ik ergens niet uitkom, is de pleegzorgwerker er voor steun. Verder vind ik het fijn dat de contacten met de moeder van mijn nichtje goed zijn vormgegeven. Dit loopt nu prima. Voor mijn nichtje en voor ons is dit ook erg belangrijk. Met behulp van pleegzorg hebben we afspraken kunnen maken en de contacten lopen al geruime tijd goed.

Ik ben blij dat ik mijn nichtje de geborgenheid van een gezin kan bieden. Het voelt goed dat ze bij mij kan wonen en niet bij ‘vreemde’ mensen. Dat had ik heel erg gevonden. Pleegzorg geeft ons ondersteuning om het geheel goed te laten verlopen en in stand te houden.”            <

Christiaan, pleegzorgbegeleider:
“Sinds maart ben ik pleegzorgbegeleider voor Rinus en zijn pleeggezin. Hij woont er al jaren, maar een probleem blijft: hij pikt snoep. Een paar keer praat ik samen met hem. Ik vertel hem dat hij zich voor kan nemen om een week niet meer te pikken. Loopt het op dinsdag mis, dan kun je het opnieuw met jezelf afspreken. Rinus geeft aan het zelf ook heel vervelend te vinden en merkt wel dat het er niet gezelliger op wordt. Vlak voor de grote vakantie geef ik hem een boekje over positief denken, misschien helpt het. Vorige week zag ik hem weer. Rinus was veranderd in een stralend joch dat heel blij en trots is dat hij al drie maanden bijna niks meer pakt. Ook haalt hij weer heel goede cijfers op school. Ik heb hem zeer geprezen en volgende week zien we elkaar bij de ‘grote M’.”       <

Leonard, pleegvader en pleegopa:
“Zomaar een kinderverjaardag. Achter in de auto ligt een poppenwagen voor de kleindochter die twee wordt. Ze slaapt nog als ik kom, maar na verloop van tijd komt er leven in de brouwerij. Ik mag haar uit bed halen. Bovengekomen zie ik een klein meisje dat me nieuwsgierig aankijkt: wie haalt mij nou weer uit bed? Sprekend haar moeder, al miste die de eerste dagen bij ons de openheid die haar jongste dochter wel heeft. Ze is dolgelukkig met de presentjes. Het mooist is wel het bijgeleverde poppenflesje. Pop wordt steeds gevoed en er wordt ook voor haar gezongen: “Sapen kindje, melk met witte voetjes.” Als ze aan het eind van de dag even lekker bij opa op schoot zit en tevreden haar kopje tegen me aanvleit, bedenk ik me dat als we toen geen ja hadden gezegd, we nu veel hadden gemist.”              <

Tirza, moeder van Diana:
“Sinds ik tot geloof gekomen ben, kan ik afstand nemen. Ik was zeventien toen Diana geboren werd. Ik zat in een heel moeilijke situatie en zat psychisch aan de grond. In die periode werd ik gemanipuleerd door mijn vader. Met Diana kon ik geen contact krijgen. Ze heeft, blijkt nu, een autistische stoornis. Sinds ik het los kan laten en durf toe te geven blij te zijn dat ze bij dit pleeggezin woont en dat ik het zelf nooit gered zou hebben, is de verhouding veel beter. Haar pleegmoeder en ik staan nu samen te koken op haar verjaardag! De band met Diana is ook veel sterker en hechter aan het worden. Het is goed dat er pleegzorg is.”             <

Berthe, moeder van Lenie:
“Ik ben blij dat Lenie bij Judy en Karel woont. Ik ben zo bang dat Lenie teveel alcohol gaat drinken. Soms weet ik het zelf allemaal niet meer. ‘s Morgens ben ik al moe als ik opsta. Ik zou echt niet weten waar ik de energie vandaan moest halen om Lenie op het rechte pad  te houden. Ik vind het fijn als ze komt, maar door alle zorgen ben ik ook blij als ze weer naar Judy en Karel gaat.”                                                     <

Janine Huiden, ambtenaar directie jeugdzorg van het Ministerie voor Jeugd en Gezin:
“Wat mij altijd weer treft als ik op bezoek ben in pleeggezinnen is het gevoel van huiselijkheid. Kinderen zijn bij pleegouders zo welkom. Pleegouders zijn vaak mensen die gewoon heel geschikt zijn om kinderen op te vangen. Dat merk je zo duidelijk als je daar bent. Zo’n basisgevoel van warmte en huiselijkheid kun je natuurlijk vertalen naar plezier, want dat komt uit dat gevoel voort. Iedere dag plezier zal er echter ook in een pleeggezin niet zijn. Dat kan nou eenmaal niet en het kan ook wel eens heel zwaar zijn. Toch voelt een kind het als hij of zij ergens ‘thuis’ mag zijn.

Ik was eens in een pleeggezin waar twee kinderen mooi aangekleed voor het raam op hun ouders stonden te wachten. Het werd steeds later en uiteindelijk kwamen de ouders niet opdagen. Voor de pleegouders een moeilijke opgave om er een verhaal van te maken, ook voor een volgende keer. Die gedeelde ervaring is voor kinderen heel waardevol. Pleegouders doen er vaak veel aan om contact te krijgen en te houden met ouders, maar het ligt niet altijd in hun macht om het ook te realiseren. Het is goed voor kinderen om dat te zien en om te voelen dat ze welkom zijn bij hun pleegouders.”        <

Frederieke, matcher:
“Vandaag was ik op bezoek bij Jannie. Zij woont al weer een aantal jaren bij haar pleegmoeder en heeft een heel onrustige jeugd achter de rug. Onder andere een vastgelopen plaatsing in een gezinshuis door een verkeerde matching van mij. Via internaten en gezinshuizen is ze nu weer terug bij de familie waar zij ooit startte.

Jannie zou nooit in een gezin kunnen aarden, volgens de deskundigen. Wat ben ik blij dat ik destijds toch doorgeduwd heb. De huidige plaatsing verloopt prima. We zien een meid die heel goed en trouw contacten onderhoudt met mensen uit heden en verleden. Ze is geweldig gegroeid en is inmiddels met een MBO-opleiding gestart. Jannie is een kind waar geen mens in geloofde, maar dat de kans greep toen die langs kwam. Geweldig toch?”          <

Friso, 12 jaar en kind van pleegouders:
“Ik vind pleegzorg leuk omdat ik nu een broertje heb. We kunnen goed met elkaar opschieten en vinden elkaar heel aardig. We hebben het erg gezellig samen, het is leuk dat ik iemand heb om mee te spelen. Ik vind het fijn dat ik zijn grote broer ben en ik kan goed met hem knuffelen. Soms maken we ook ruzie, maar dat vind ik niet erg. Verder vind ik het fijn dat een kind dat wij niet kennen bij ons mag wonen. Toen mijn pleegbroertje net bij ons kwam, ging het niet zo goed met hem. Hij was vaak ziek. Nu voelt hij zich goed en dat maakt mij blij. Ik ben trots op mijn pleegbroertje. Op school vertel ik ook graag hoe het met hem gaat en wat we samen hebben gedaan. Als pleegzorg niet bestond dan had ik mijn pleegbroertje niet gekend. En door mijn pleegbroertje kom ik nog vaker in speelgoedwinkels!”       <

Opa en pleegvader Willem:
“In 2005 werd ons eerste kleinkind geboren. Helaas niet zonder problemen. Hij werd te vroeg geboren en kreeg bij de geboorte ook nog eens een hersenbloeding waaraan hij een spastische linkerzijde en een visusprobleem overhield. Na een paar maanden bleek dat onze zoon en schoondochter onvoldoende voor hem konden zorgen en werd hij tijdelijk uithuis­geplaatst. Omdat de thuissituatie niet verbeterde, moest er voor hem een oplossing worden gevonden van langere duur. Hierop hebben wij elkaar aangekeken en de beslissing was snel gevallen. Opa en oma werden zijn pleegouders. Nu zijn we twee en een half jaar verder. Voor ons was het in het begin bijzonder zwaar, vooral door zijn lichamelijke beperking en alle keren dat hij daarvoor naar het ziekenhuis moest. Nu is alles in een rustiger vaarwater gekomen en gaat hij naar een peuterspeelzaal en een revalidatiekliniek. Dat geeft ons meer tijd om echt van hem te genieten. Soms gebeurt het dat opa of oma het eens wat moeilijk heeft na een lange dag. Je hoeft dan alleen maar naar het kleine ventje te kijken: zijn glimlach is voor ons wat doping is voor een sporter. We hadden dit alles echt niet willen missen!”          <

Pleegouders Hans en Corine:
“Omdat wij zelf geen kinderen kregen, maar wel dol op kinderen waren, gingen we ons afvragen of wij iets voor anderen konden betekenen. Zo kwamen wij in contact met de toenmalige Centrale voor Pleeg­gezinnen. Na vele gesprekken kwamen wij in aanmerking voor een baby’tje met Down Syndroom. Al wisten wij hier weinig van af, toch hebben wij de stap gezet, een hele uitdaging! Geweldig was het om voor de kleine Lotte te mogen zorgen. We wilden alles voor haar doen wat mogelijk was. Zo kregen wij adviezen van de William Schrikker Stichting, waar we goed contact mee hadden, een waardevolle steun in de rug. Na ruim twee jaar ging Lotte twee ochtenden in de week naar een peuterspeelzaal, vervolgens naar een kinderdagverblijf en een ZMLK-school waar ze leerde lezen en schrijven en ook twee zwemdiploma’s haalde. Ze ontwikkelde zich bijzonder goed. Ze heeft stage gelopen op diverse locaties. Nu werkt ze in een supermarkt en in een cadeauwinkel. Zij woont zelfstandig begeleid in een appartement waar ze trots alles zelf kan doen.

Twee jaar na de komst van Lotte kwam Paulien bij ons wonen, ook een baby. Voor Lotte een hele verandering in huis. Het ging allemaal goed tot wij na een paar jaar merkten dat niet alles klopte bij Paulien. Ook zij kwam in de medische molen. Na vele onderzoeken bleek dat zij een ernstige spierziekte had. Een heftige tijd brak aan, want twee kinderen met een handicap kost de nodige inspanning van ouders. Met liefde en geduld hebben wij hier aan gewerkt. Paulien ontwikkelde zich goed en was leergierig. Ondanks haar beperkingen heeft ze een enorme vechtlust om alles uit het leven te halen wat mogelijk is. Zij werkt nu 24 uur op een scholengemeenschap als telefoniste/receptioniste en zij is als medisch secretaresse oproepkracht in een ziekenhuis. Zij staat heel sociaal in het leven en houdt van nieuwe uitdagingen.

Wij zien met trots terug op prachtige jaren van zorg en liefde en veel plezier met elkaar. Onze meiden zijn een geweldig stel, genieten volop van het leven en daar zijn wij als ouders heel blij mee en dankbaar voor. Geweldig dat we dit konden en mochten doen! Het zou zo fijn zijn als steeds meer mensen pleegouders willen zijn. Het is zo mooi en de moeite waard, ook als er een handicap is. Kinderen die weten dat ze in het leven niet alleen zijn, maar mogen wonen en opgroeien in een gezin waar liefde en geborgenheid is. Dat is toch prachtig en alles waard.”                  <

Agaath, pleegmoeder van diverse pleegkinderen:
“Feline ken ik al vanaf dat ze zes jaar was. Ze was een vriendinnetje van mijn dochter. Op haar zeventiende ging het niet goed met haar, ze had veel problemen en zat thuis niet meer lekker. Heel verlegen, met bibberende stem, vroeg ze me of ik haar pleegmoeder wilde worden. Ik hoefde er niet over na te denken: ik zei meteen ja. Het was triest natuurlijk, maar ik vond het ook heel eervol. Pleegmoeder zijn is voor mij een erebaan. Ik heb zulke bijzondere dingen meegemaakt en heb zoveel lol met de kinderen. Natuurlijk zijn er ook toestanden, maar ik vind het een sport om er iets goeds van te maken. Ik ben een beetje een dromerig type en de kinderen houden me wakker. Ik leer heel veel nieuwe dingen. Een pleegzoon is nogal bangelijk, een beetje tuttig zelfs.  Dus besloot ik dat we mannendingen moesten gaan doen. We begonnen met zagen. Hij riep steeds maar dat hij dat niet wilde en niet kon en smeet de zaag op de grond. Ik kon het ook niet, maar ik begon gewoon. Het ging best goed, dus zei ik tegen hem dat hij niet meer mocht zagen omdat ik het zo leuk vond. Toen wilde hij toch weer wel. Hij riep zelfs: ‘Jij mag helemaal niet zagen, want ik zou gaan zagen.’ Dus toen mocht hij gaan zagen. We hadden die middag de grootste lol. Soms vraagt een pleegkind aan mij waarom ik eigenlijk pleegmoeder ben. Sommige mensen hebben negen of tien katten, ik heb graag een huis vol kinderen. Af en toe worden er kinderen voor 24 uur gebracht. Die slapen hier dan en ’s ochtends bij het ontbijt zitten we opeens bij elkaar aan tafel. Ik vraag dan of ik hen mag interviewen. Wat is je lievelingskleur, wat doe je over tien jaar, wat is je lievelingseten, dat soort vragen. Langzaam komen ze dan weer een beetje bij. Een meisje van een jaar of zeventien was heel angstig. Bij de vraag over haar lievelingseten begon ze te ontdooien. Toen ik vroeg wat ze over tien jaar deed, zei ze heel beslist: ‘Dan ben ik vroedvrouw.’ Dat was een mooi moment omdat ze opeens helemaal niet meer angstig was. ‘Dit moeten we beiden onthouden’, zei ik toen ze wegging. Ik heb zoveel voorbeelden waarom ik pleegzorg zo leuk vind. Ik heb er gewoon heel veel lol in!”             <

Ellen, voogd:
“Waarom ik plezier heb in pleegzorg? Omdat ik het zo bijzonder vind dat er mensen zijn die onvoorwaardelijk gaan voor een kind van andere ouders. Zij staan het kind bij in leuke en in moeilijke situaties en zijn bereid alles voor dit kind te doen. Ik heb daar veel bewondering en respect voor. Het resultaat hiervan is dat het kind zich volledig kan ontwikkelen tot een volwassene die zich staande kan houden in de maatschappij. Daarom heb ik plezier in pleegzorg!”        <

Anja, matcher:
“Matching binnen de pleegzorg is mooi werk. Het mooie is dat je iets voor elkaar kunt krijgen voor kinderen die (tijdelijk) in de knel zitten thuis, om wat voor reden dan ook. Een geschikt plekje vinden in een pleeggezin betekent dan zo veel. Een warm nest waar het kind mag zijn wie hij of zij is en waar andere volwassenen voor hem of haar zorgen. Het liefst dan ook nog in zijn of haar eigen omgeving zodat de school, vriendjes en clubs gewoon door kunnen gaan. Als dat allemaal op elkaar aansluit, levert dat een tevreden gevoel op.”     <

Whitley, pleegkind 15 jaar:
“Met sinterklaas krijg je altijd iets extra’s van de pleegzorg, zoals een bon van 25 euro. We hebben een keer een dvd van Kruimeltje gekregen en een step. Ook zijn er leuke evenementen zoals een pleegzorgdag. Dat zijn heel leuke verassingen die een ander kind niet heeft. Je hebt ook meteen een onderwerp voor je spreekbeurt dat iedereen interesseert!”        <

Jan, pleegvader:
“Tien dagen na zijn geboorte kwam Kees bij ons, net vijf pond, afstandsbaby. Wij zorgden drie maanden voor hem en konden toen een stevige, gezonde baby overdragen aan dolgelukkige adoptieouders. We hielden contact. Deze week kregen we een e-mail met een foto van een stoere achtstegroeper die volop van het leven geniet: ‘onze’ Kees. Te gek toch? Daarom heb ik plezier in pleegzorg!”            <

Sanne, 19 jaar, kind van pleegouders:
“Wij hebben thuis twee pleegkinderen gehad. Wat ik leuk vond aan pleegzorg was dat je op deze manier een hoop nieuwe mensen leert kennen. Verder vond ik het erg interessant dat hoe langer je met pleegzorg te maken hebt, hoe meer je er zelf vanaf gaat weten. Mensen hebben ook belangstelling voor jouw gezinssamenstelling en ik was soms wel eens trots dat ik kon vertellen dat wij aan pleegzorg deden. Op deze manier kun je andere kinderen helpen met de problemen die zij hebben. Dat geeft mij ook wel voldoening.”


Tags: , ,