Limburg revitaliseert pleegzorg

Auteur: Mirte Loeffen  

De feiten:
Aantal jongeren tussen de 0 en 18 jaar: 235.000. Het budget voor jeugdzorg breed bedraagt € 91 miljoen. Specifiek voor pleegzorg is dit € 11 miljoen dat verdeeld wordt over de twee zorgaanbieders in Limburg met pleegzorg in het pakket: Xonar en Rubicon. Daarnaast levert ook de William Schrikker Groep in Limburg pleegzorg. De NVP wordt voor € 32.000 gesubsidieerd.

Geen beter moment om Peter Boonen, programmaleider jeugd van de Provincie Limburg, te interviewen!

Nog geen twee weken geleden is het fiat gegeven voor een groots opgezet revitaliseringsprogramma voor de pleegzorg met de aanstekelijke naam PRIMA PLEEGZORG. Bovendien wordt de dag volgend op dit interview een extra financiële injectie van minister Rouvoet ter bestrijding van de wachtlijsten aan de instellingen gegeven van 1,7 miljoen euro.

Daarmee hebben we de twee speerpunten in Limburg te pakken:

1. Een grote beurt voor de pleegzorg met als doel een optimaal functionerende werksoort.

2. Een hernieuwde aanval op de wachtlijst voor pleegzorg, zodat kinderen die ervoor in aanmerking komen direct kunnen gaan wonen in een pleeggezin.

Prima pleegzorg

Aan de basis van het revitaliseringsprogramma ligt een visiedocument dat onder redactie van Riet Portengen is opgesteld door ouders, pleegouders en professionals van de drie pleegzorgaanbieders tijdens een werkconferentie. Gezamenlijk kwamen ze tot zeven speerpunten. Het gaat om afstemming tussen de pleegzorgaanbieders onder de noemer ‘pleegzorg Limburg één gezicht’ met als mogelijke uitkomst één facilitair centrum voor alle pleegzorgaanbieders in Limburg.

Er is in het document daarnaast aandacht voor ouders en jeugdigen in de pleegzorg, voor sociale netwerkstrategieën, voor vraaggerichte en kleurrijke pleegzorg, voor het ontwikkelen en leren in de pleegzorg en voor afstemming tussen de verschillende partijen in de pleegzorg. Het visiedocument is vastgesteld door het bestuur van de provincie, de NVP, de instellingen en de Limburgse cliëntenorganisatie Stichting Jeugd Zorgvragers Limburg. Deze stichting zit bij alle overleggen over jeugd aan tafel en beslist mee. Ook belegt de Stichting Jeugd Zorgvragers Limburg bijeenkomsten met professionals om met hen houdingsaspecten door te spreken die als helpend, dan wel als storend worden ervaren. Ook de Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen (NVP) zit aan tafel.

Boonen: “Ik ben tevreden met de samenwerking, maar ik zou de NVP graag actiever zien in visionair opzicht. De NVP is goed in cliëntenbehartiging op casusniveau, maar die taak zou ook een vertrouwenspersoon op zich kunnen nemen. De NVP zou zich af kunnen vragen: wat kunnen wij voor de toekomstige pleegzorg betekenen? Ik zoek daarbij meer ambitie en lef.”

In het najaar zijn er in het kader van PRIMA PLEEGZORG zeven uitvoeringsplannen klaar met daaraan gekoppeld doelstellingen en resultaatverwachtingen. Deze plannen worden in de periode van 2009 tot 2012 uitgevoerd.

In het revitaliseringsprogramma worden nieuwe ontwikkelingen rondom de kinderbeschermingswetgeving meegenomen. Zo zal bij de voogdij eerder gekeken worden naar gezagsoverdracht naar pleegouders dan tot nu toe gebruikelijk was. Gedacht wordt aan een termijn van 2 jaar na de uitspraak van een kinderbeschermingsmaatregel met het oog op duurzaamheid en continuïteit van opvoedingsarrangementen.

Dit betekent nog al wat voor pleegouders. Zij moeten bereid en in staat zijn om deze taak op zich te nemen. Ook ontstaat met deze ontwikkeling een gelijkwaardiger verhouding tussen hulpverleners en pleegouders. Gelukkig participeert de William Schrikker Jeugdbescherming met het Limburgse team van voogdijwerkers in de landelijke pilot ‘Beter Beschermd’ zodat zaken goed op elkaar afgestemd worden.

Peter Boonen is enthousiast over PRIMA PLEEGZORG: “Al is het een langdurig proces, ik ben erg tevreden en heb er veel vertrouwen in, omdat we het met z’n allen doen.”

Wachtlijsten

Het zou mooi zijn als PRIMA PLEEGZORG ook een oplossing biedt voor de wachtlijsten in de pleegzorg. Al doet Limburg het niet slecht met een derde plaats op de landelijke ranglijst van wachtlijsten per provincie (Drenthe en Haaglanden doen het nóg beter), er wachten nog altijd 41 (9 Bij Rubicon en 32 bij Xonar op 19 maart 2008) kinderen langer dan negen weken op een pleegzorgplaatsing.

Limburg maakt goede sier met een website waarop voor iedereen zichtbaar de wachtlijsten zijn te volgen: www.jeugdzorginlimburg.nl. Kinderen die wachten zijn hier natuurlijk niet mee geholpen. Wel met de € 1,7 miljoen aan incidentele gelden die een dag na dit interview verdeeld zullen worden over de zorgaanbieders en de voorzieningen voor pleegzorg. Het probleem met dit geld is dat het maar voor een jaar is. Pleegzorg duurt langer dan een jaar, dus in 2009 steekt hetzelfde probleem de kop weer op.

Limburg krap in het jasje

Daarbij moet Limburg relatief zuiniger aandoen dan andere provincies. Het geld van het Rijk wordt verdeeld aan de hand van het aantal eenoudergezinnen in een provincie en het aantal allochtone gezinnen. Allochtone gezinnen tellen zwaarder mee. Wat betreft eenoudergezinnen ligt de verhouding over het hele land ongeveer gelijk. Het aantal allochtonen in Limburg is veel lager dan in de Randstad, terwijl er in Limburg wel weer veel mensen wonen in moeilijke sociaal-economische omstandigheden. Wonen, werk en inkomen zijn voor hen net zo’n probleem als voor veel allochtonen in de Randstad.

Momenteel wordt gewerkt aan een andere verdeelsleutel die gebaseerd wordt op de sociaal economische situatie en niet afhangt van het aantal allochtonen in de provincie. Een ander probleem waardoor jeugdzorg blijft kampen met tekorten is dat al elf jaar geen compensatie voor gestegen prijzen wordt gehanteerd, terwijl het leven wel duurder is geworden. Dat gaat knellen. De financiële krapte weerhoudt Limburg er niet van om grootscheeps te vernieuwen in de pleegzorg. <

Reactie op Friesland

Een pleegmoeder uit Den Bosch reageerde op het artikel over Friesland in Mobiel 6 2007, waarin gedeputeerde Schokker werd geïnterviewd.

“Hoe kun je als pleegouder hier nu een fatsoenlijk oordeel over geven? Er is maar met een persoon gesproken en dat is een hoge pief in plaats van iemand uit het werkveld. Hoe kan zij weten waar het soepel loopt bij de pleeggezinnen en waar de knelpunten zijn? Ik heb meer aan een eerlijk verhaal van iemand van de werkvloer dan het mooiweer-praatje dat ik nu lees. Daarom geef ik een vijf.”


Tags: ,