De rechtspositie van (pleeg)pubers

Over de rechtspositie van pubers is in deze rubriek eerder geschreven (Mobiel 3, 2005). De onderwerpen meerderjarigverklaring en handlichting zijn toen beschreven. Deze keer het (zelfstandig) aanvragen van een indicatiebesluit door het pleegkind en de mogelijkheid tot benoeming van een bijzondere curator.

Het aanvragen van een indicatiebesluit

Het indicatiebesluit geeft recht op jeugdzorg. Dit recht kan bestaan uit: jeugdhulp, verblijf en observatiediagnostiek. Voor een aanvraag tot jeugdzorg is toestemming nodig van degene voor wie de zorg is bedoeld. Voor een minderjarige jonger dan 12 jaar geldt dat de ouder(s) met gezag moet(en) instemmen met de aanvraag. Dit geldt ook voor jongeren die ouder zijn dan 12 jaar als zij niet goed kunnen begrijpen waar het over gaat.

Voor jeugdzorg voor minderjarigen van 12 tot 16 jaar is naast de in­stemming van de minderjarige ook de instemming van de ouder met gezag nodig. Als de ouder weigert in te stemmen met de zorg, kan toch een indicatiebesluit worden genomen zonder instemming van de ouder(s) met gezag. Namelijk als de zorg voor de minderjarige nodig is en de minderjarige de zorg weloverwogen blijft wensen (1).

Een voorbeeld: Johan van 14 jaar wil graag therapie en doet hiertoe een aanvraag bij de indicatiecommissie van Bureau Jeugdzorg. Zijn moeder heeft het gezag en wordt om toestemming gevraagd, maar stemt niet in. Als de indicatiecommissie vaststelt dat therapie noodzakelijk is en Johan de zorg ook zonder de instemming van zijn moeder nog steeds wil en goed kan afwegen waarom, kan het indicatiebesluit worden afgegeven.

Minderjarigen van 16 jaar of ouder kunnen een indicatiebesluit aanvragen zonder toestemming van de ouder met gezag. Overigens is voor een aanvraag ingediend door de gezinsvoogd geen instemming van de minderjarige en de ouder met gezag noodzakelijk omdat er sprake is van gedwongen hulpverlening.

Bijzondere curator

Als er sprake is van een conflict van belangen tussen de minderjarige en de ouder met gezag of de voogd dan kan de minderjarige, al dan niet ondersteund door de pleegouders, een verzoek indienen tot benoeming van een bijzondere curator. Een bijzondere curator is een belangen­behartiger van de minderjarige, bijvoorbeeld een advocaat of een pedagoog (bijvoorbeeld als er een onderzoek gedaan moet worden). Het belangenconflict moet de verzorging en opvoeding of het vermogen van de minderjarige betreffen en moet van wezenlijk belang zijn.

Een voorbeeld: de vijftienjarige Esther staat onder toezicht, is uithuisgeplaatst en woont in een pleeggezin. Ze wil onder geen beding contact met haar ouders, die het gezag over haar hebben. De kinderrechter heeft een omgangsregeling vastgelegd op verzoek van de ouders. De gezinsvoogd heeft ter zitting aangegeven dat Bureau Jeugdzorg achter vaststelling van de omgangsregeling staat. Esther is het hier niet mee eens. Ze verzoekt met behulp van haar pleegouders en het AKJ (2), om een bijzondere curator. In dit geval een advocaat die namens Esther hoger beroep kan instellen tegen de beslissing van de kinderrechter.

Overigens geldt er geen minimumleeftijd voor het (pleeg)kind waarvoor een bijzondere curator kan worden benoemd. Voor het jonge (pleeg) kind zonder eigen ‘stem’ zal het een volwassene zijn (vaak een pleeg­ouder) die het verzoek indient.

(1) ‑ De minderjarige wil de zorg nog steeds en kan goed afwegen waarom hij/zij de zorg wil.

(2) ‑ Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg, kostenloze ondersteuning voor jeugdzorgcliënten.


Tags: ,