Drie ouders: moeder, opa en oma

Anja en Tom zorgen voor twee van de drie kinderen van hun dochter Lilian. In het verleden was Lilian verslaafd aan drugs. Daardoor was het contact met haar moeilijk en kon ze niet voor haar kinderen zorgen. Bij de geboorte van haar derde kind is Lilian afgekickt. Met hulp van buitenaf zorgt ze nu zelf voor haar jongste zoon. Anja en Tom vertellen Mobiel hoe de kinderen bij hen terecht gekomen zijn en hoe het contact met Lilian langzamerhand is hersteld.

Anja: “Onze dochter was drugs­verslaafd en ze werd geslagen door haar man. In die tijd is Paul geboren. We zagen dat het niet goed ging met haar en haar gezin.

Wanneer grijp je in? Uiteindelijk grepen de buren van Lilian in. Paul ging naar een kinderhuis en logeerde vaak bij ons. Met hulp van de Raad voor de Kinderbescherming kwam eerst Paul en later Rosa bij ons wonen. Vanaf dat moment merkte Paul wel dat wonen bij opa en oma anders is dan logeren. Het verwennen door opa en oma werd opvoeden.

Rosa heeft het syndroom van Down. Zij heeft in een crisispleeggezin gewoond voordat ze bij ons kwam. Ze logeert nog  regelmatig in dat pleeggezin. Zij voelen als familie voor Rosa. Ten gunste van Paul en Rosa hebben wij Lilian wel eens weggestuurd. Dat doet zeer. Lilian blijft toch onze dochter.”

Aanplakbiljetten en opsporingsbrieven

Tom: “Lilian heeft veel gezworven. In de tijden dat Lilian in de opvang zat, konden wij met de kinderen op bezoek gaan. Vooral Paul wilde altijd weten waar zijn moeder was. We hebben wel eens aan de politie gevraagd of ze aan Lilian wilden vragen om ons te bellen zodat Paul zijn moeder kon spreken. Paul wilde aanplak­biljetten maken om zijn moeder te vinden, een opsporingsbrief schrijven en zijn spaarpot leegmaken. Hij was vaak vervelend en had veel negatief gedrag. Gelukkig werd hij op school goed opgevangen. Ze hadden begrip voor zijn situatie. Paul kreeg ook speltherapie. Zelf konden wij ons verhaal kwijt bij de instelling voor pleegzorg. Zij gaven ons steun.”

Afkicken in de gevangenis

Anja: “William is vier en woont bij Lilian. Vier jaar geleden werd Lilian opgepakt en belandde in de gevangenis. Daar moest ze verplicht afkicken. Daarna kwam haar menstruatie niet terug en zo ontdekte ze dat ze zwanger was. Deze keer was ze sterk genoeg om echt te stoppen met de drugs en gelukkig werd William niet verslaafd geboren. Lilian wilde nu zelf voor haar kind zorgen. Mede door de verslavings­hulp en de vrouwenopvang heeft ze grip op haar leven gekregen. Nu woont ze niet ver hier vandaan met William.”

Genieten van twee huizen

Anja: “Nu het met Lilian beter gaat, wordt Paul rustiger. Hij kan op de fiets naar haar toe en ziet met eigen ogen dat het goed met haar gaat. Elke dinsdag eet hij bij zijn moeder en in het weekend logeert hij regelmatig bij haar. Hij heeft de vrijheid om naar zijn moeder te gaan en geniet van beide huizen. Rosa moest erg wennen dat haar moeder zo dichtbij woont. Ze wist niet meer wie ze oma en mama moest noemen. Nu noemt ze zowel Lilian als mij mama.

William is een fijn speelkameraadje voor Rosa. Ze kunnen het samen heel goed vinden. William begrijpt Rosa heel goed. Wel begint hij vragen te stellen over haar. Paul vindt het vervelend dat alle mensen naar Rosa kijken. William heeft daar geen last van.”

Met z’n drieën ouder zijn

Anja: “Rosa heeft een andere vader dan Paul. Ook William heeft een andere vader. William en Rosa zien hun vader niet. De vader van Rosa probeert via de rechtbank de zorg voor Rosa toegewezen te krijgen. Hij wil geen bezoek, hij wil Rosa voor altijd bij zich hebben. Dat geeft veel onrust voor ons. Paul bezoekt zijn vader regelmatig, hoewel hij de laatste tijd minder zin heeft. Als vader het bezoek afblaast, heeft Paul geen behoefte aan een vervangende afspraak.

Wij hebben altijd gehoopt dat Lilian eens bij ons in de buurt kwam wonen. Wij zijn heel blij met de huidige situatie. Wij zijn ook blij dat het zo goed gaat met Lilian en hopen dat het zo blijft. Wij zijn haar ouders en zullen haar altijd steunen. Ze maakt haar eigen keuzes en heeft haar eigen leven, maar ze kan altijd op ons terugvallen. We voelen ons ook vader en moeder van Paul en Rosa en wat meer op afstand ook ouders, samen met Lilian, van William. We kunnen met Lilian praten over de kinderen en we werken samen. Het is fijn dat ze meegaat naar ouderavonden. Dat we goed kunnen praten over alle drie de kinderen en dat we met zijn drieën ouder kunnen zijn. Van de zomer gaan we gezellig met zijn allen op vakantie.” •

 

Lilian: “Ik ben blij met de situatie en het voelt goed dat Paul en Rosa opgroeien in mijn eigen nest, bij mijn eigen ouders. Nu zou ik naast de zorg voor William ook wel voor Paul kunnen en willen zorgen, maar niet voor Rosa. Het syndroom van Down maakt de zorg wel erg groot. Ik was verslaafd aan drugs en had goede en slechte tijden. Mijn ouders hebben mij nooit weggegooid. Ik ben wel eens weggestuurd omdat ze dat beter vonden voor Paul en Rosa. Ik had toen het gevoel dat ik gefaald had. Buiten in een portiek zat ik te huilen. Ik voelde me heel eenzaam en intens verdrietig. Zo waanzinnig veel verdriet wil ik nooit, nooit meer meemaken. Vaak durfde ik mijn ouders en kinderen niet te zien. Ik schaamde me. Nu heb ik vrede met de situatie. Het voelt als een verrijking om te werken, om te zorgen voor William, om Paul een weekend over de vloer te hebben en om samen met Rosa en William naar het park te gaan. Door veel te praten met mijn ouders heb ik mijn plaats gevonden en kunnen we met zijn drieën ouders zijn voor Paul, Rosa en William.”


Tags: ,