Kindermishandeling breed aangepaakt dankzij RAAK

Auteur: Antoinette van Wijngaarden  

In ons land worden jaarlijks 50.000 kinderen mishandeld. Vijftig kinderen sterven als gevolg hiervan. De psychiater Andries van Dantzig kon dit niet langer aanzien en richtte in 2000 RAAK op, de Reflectie- en Actiegroep Aanpak Kindermishandeling.
RAAK stelt dat we als gemeenschap meer moeten en kunnen doen om kinderen veilig te laten opgroeien en dat ouders daar steun bij horen te krijgen. Jaarlijks organiseert RAAK een congres op 20 november, de Dag van de Rechten van het Kind. Mobiel was erbij.

Een jonge, tengere vrouw betreedt voorzichtig het podium. Het podium is groot en het is een lange weg naar het spreekgestoelte. Eindelijk staat ze erachter. Ze kijkt verlegen de zaal in. Ze heeft een lief, zacht gezicht. Veel scherpe lijnen erin. Te veel voor zo’n jonge vrouw. Meer dan driehonderd mensen kijken haar verwachtingsvol aan. Ze schraapt haar keel en begint te vertellen. “Gemiste kansen.” Een zachte, aarzelende stem. We hoorden die dag al heel wat geroutineerde sprekers. Zij is dat niet. Ze hapert regelmatig om tranen weg te slikken. De blaadjes in haar hand trillen steeds harder. Misschien vertelt ze haar verhaal voor het eerst. Misschien ook niet. Heeft ze het grote zwijgen al eerder doorbroken, maar raakt ze steeds weer overstuur.

Gemiste kansen

“Waarom zegt hij dat hij niet weet waar het van komt? Hij is een huisarts. Die moet dat toch kunnen zien. Ik ben vier en bang en zeg niets. Twee jaar later sta ik bij de tafel van de juf. De mouw van mijn bloesje schuift omhoog. Ziet ze de blauwe plekken niet of doet ze alsof? Ze zegt er niets van en stuurt me terug naar mijn tafeltje. Als tiener naar het ziekenhuis. Been gebroken. Niet voor de eerste keer. ‘Het is een brekebeentje,’ zegt mijn vader en de dokter lacht met hem mee.” Deze en nog meer professionals zagen niet dat dit kind thuis ernstig mishandeld werd. Zij misten de signalen. Of de moed om over hun vermoedens van mishandeling te praten. Een verhaal uit de oude doos? Helaas niet.

Bemoeizorg

In 2003 zijn er vier RAAK-regio’s ingesteld (1). In Flevoland, Amsterdam-Noord, de westelijke Mijnstreek en Zaanstreek-Waterland zijn sindsdien duizenden professionals, waaronder peuterleidsters, leerkrachten, vroedvrouwen en personeel van speeltuinverenigingen, geschoold in het vroeg signaleren van kindermishandeling en in het gesprekken voeren met ouders over (vermoedens van) kindermishandeling.
Daarnaast is preventie een speerpunt. (Aanstaande) ouders kunnen ongevraagd extra zorg aangeboden krijgen, de zogenaamde bemoeizorg. Als ouder(s) niet reageren op een oproep van het consultatiebureau, komt de wijkverpleegkundige langs. In buurten zijn laagdrempelige Ouder-en-Kindcentra opgezet, waar ouders met al hun vragen over de gezondheid, de ontwikkeling en de opvoeding van hun kind terecht
kunnen en er worden huiskamer­bijeenkomsten gehouden, waarbij dergelijke vragen besproken kunnen worden met een deskundige.
In ziekenhuizen wordt dankzij RAAK gewerkt met de SPUTOVAMO-lijst: negen vragen die gesteld worden bij álle kinderen op de Spoedeisende Hulp, om alert te zijn op de mogelijkheid van kindermishandeling. Voor de jonge vrouw komen al deze initiatieven te laat, maar hopelijk is haar verhaal in de,  liefst heel nabije, toekomst een verhaal uit de oude doos. •

(1) ‑Het volledige rapport over de RAAK-regio´s en meer info over en van RAAK is te vinden op www.samenopvoeden.nl.


Tags: ,