Impressie hechtingscongres in Den Haag

Auteur: Felice Meijs  

Gehecht zijn is het ‘gevoel van verbondenheid met…’. Hechting gaat over emotionele binding en afhankelijkheid tussen kind en verzorger(s). In de wetenschap is men het er in grote lijnen over eens dat een kind zich, vanuit een gezonde hechtingsrelatie, goed kan ontwikkelen. Toch blijft hechting een veelbesproken en onderzocht thema. In hoeverre speelt hechting een belangrijke rol in iemands verdere levensloop? Is het hebben van een hechtingsstoornis een garantie voor een kwalitatief minder leven? In Den Haag werd op 2 november 2006 een congres gehouden over hechting. Nieuwe inzichten werden gedeeld en tegen het licht gehouden. In dit artikel een impressie van die dag.

‘Als kinderen klein zijn moet hun ze diepe wortels geven. Als ze groter worden vleugels.’
(Indisch spreekwoord)

Hechting is het vormen van een schema van verwachtingen over wat mensen doen als je in nood bent. Het gaat om beschikbaarheid bij een probleem, niet zozeer om nabijheid. Door aan te sluiten op de behoeften van het kind, kunnen ouders/verzorgers de hechting van hun kind bevorderen, zo stelt Martine Delfos, therapeut en schrijver. Delfos vertelt over sekse­verschillen in hechting. Mannen en vrouwen blijken verschillend voorkeursgedrag te hebben en dit drukt zich ook uit in de wijze waarop ze hun kind leren hechten.

Typisch mannelijk gedrag is stoeien en ‘gevaarlijke’ spelletjes spelen. Bijvoorbeeld het kind in de lucht gooien en weer opvangen. Op deze wijze leren mannen hun kinderen dat er gevaren in de wereld kunnen zijn, maar dat er ook hulp en steun is. Vrouwen zijn vaak meer gericht op het bieden van veiligheid voor de kinderen en laten kinderen hechten door de beschermende rol op zich te nemen. Martine Delfos liet op het congres zien hoe de inzichten over de mogelijkheden van kinderen met problemen rondom hechting in de afgelopen jaren veranderd zijn. Heersende opvatting was eerder dat behandeling van onthechte kinderen onmogelijk was. Nieuwe onderzoeken en methoden wijzen uit dat herstel van hechting vaak wel degelijk mogelijk is.

Therapie voor jonge kinderen

Een van die methoden is Parent Child Interaction Therapy (PCIT). Dit is een therapie voor kinderen van twee tot zeven jaar met gedragsproblemen die in Amerika is ontwikkeld door Sheila Eyberg. In een van de deelsessies in de middag vertelt Frederike Coelman, manager Cluster Psychiatrische gezinsbehandeling van de Bascule in Amsterdam, over PCIT. Ouders/verzorgers en kind worden samen in een spelkamer getraind, waarbij de therapeut vanachter een observatiewand de ouder coacht door middel van een oormicrofoontje. Volwassenen wordt geleerd om meer actief naar het kind te luisteren, lichamelijk meer nabij het kind te zijn en meer sociaal te babbelen met het kind. De Bascule signaleert een toename van de hechting tussen volwassene en kind, mede door de positieve gedragsaanpak die ouders/verzorgers geboden wordt. Ouders rapporteren dat het aantal conflicten per dag afneemt en zijn tevreden over de behandeling. •

Meer lezen?
* Als hechten moeilijk is – Giel Vaessen, Uitgeverij Maklu, ISBN 9044116649, € 23,90.
* De schoonheid van het verschil – Martine Delfos, Uitgeverij Harcourt Assessment B.V., ISBN 9026517262, € 32,00

Felice Meijs is pleegzorgbegeleider bij de Rading in Utrecht.


Tags: ,