Symposium ‘Kind in de pleegzorg’

Auteur: Bertus Wiggerts  

Op 16 oktober vond aan de Universiteit van Leiden het symposium ‘Kind in de Pleegzorg’ plaats. Centraal stond het aanbieden van de beleidsvisie met dezelfde titel aan mr. Hirsch Ballin, minister van Justitie. Naast de presentatie van de beleidsvisie werden er lezingen gehouden. Mobiel was aanwezig en doet verslag.

Een landelijke werkgroep met deskundigen uit verschillende geledingen heeft een beleidsvisie ontwikkeld die een kader biedt om het kind in de pleegzorg daadwerkelijk centraal te stellen. De werkgroep doet een aantal aanbevelingen om de kinderbeschermingswet aan te passen.

Deze zijn:
•Het kind krijgt een eigen rechtspositie
Om te waarborgen dat het ontwikkelingsbelang van het kind altijd de eerste overweging vormt bij het ingrijpen in het familieleven van het kind met zijn ouders of pleegouders, dient het kind een eigen rechtsingang te hebben.
•De pleegouder krijgt een eigen rechtspositie
De rechtspositie van de pleegouder moet duidelijker omschreven worden. Hij/zij moet kunnen opkomen voor het belang van het kind zonder dat dit voor hemzelf bijzondere kosten of problemen met zich meebrengt. Dat houdt ondermeer in dat de pleegouder als belanghebbende wordt aangemerkt vanaf het moment dat hij/zij de zorg voor het kind opgedragen krijgt.

De pleegouder krijgt ook in het kader van een OTS/voogdij een wettelijk blokkade­recht. Teneinde dit recht effectief te kunnen uitoefenen krijgt de pleegouder de bevoegdheid om bij de rechter verlenging van de kinderbeschermingsmaatregel en uithuisplaatsing te verzoeken. Ook is de pleegouder bevoegd om bij Bureau Jeugdzorg geïndiceerde zorg aan te vragen voor het pleegkind.

De voorgeschiedenis van het kind met zijn ouder behoort tot het domein van het kind.
Om een zorgvuldige begeleiding van het pleegkind te waarborgen, hebben pleegouders daarom recht op die kennis: de geschiedenis van de ontwikkeling van het kind.

Hoe deze aanbevelingen precies in een wetsvoorstel worden uitgewerkt, is nog niet bekend. Immers, er wordt nog aan (verandering van) de wet gewerkt (1).

Met het aanbieden van het advies aan de minister werd de werkgroep opgeheven. Er werd vervolgens overgegaan tot de oprichting van de Stichting ‘Kind in de Pleegzorg’. De stichting heeft een eigen site: www.kindindepleegzorg.nl. Via deze site is ook de beleidsvisie te bestellen.

Kwaliteitscriteria jeugdzorg EU

Een van de sprekers op het symposium was mevrouw Janny Holwerda. Zij hield een lezing over ‘Quality4Children’, afgekort als Q4C. Holwerda is lid van de stuurgroep van het gelijknamige project. Drie internationale organisaties, SOS-kinderdorpen, IFCO (2) en FICE (3), hebben het initiatief genomen voor het internationale project Q4C. Het project heeft als ambitie dat in minstens alle EU-landen, minimale regels en richtlijnen komen, waar altijd op mag worden gerekend door cliënten van de jeugdzorg. Q4C richt zich op de residentiële zorg en de pleegzorg. Met name de omgang met cliënten staat centraal. Cliënten worden bij alle fasen van het project betrokken. Voor meer informatie zie de website www.quality4children.info.

(1) Zie Mobiel 5, pagina 23, rubriek ‘Hoe zit dat’ over ‘Kinderen eerst’.
(2) IFCO, International Foster Care Organisation. Netwerkorganisatie die mensen uit de pleegzorg vanuit de hele wereld bij elkaar brengt.
(3) FICE, Fédération Internationale des Communautés Educatives. Organisatie die wereldwijd jeugd- en jongerenzorg promoot en op de agenda zet


Tags: ,