Een steuntje in de rug maakt volwassen worden eenvoudiger

Als een pleegkind achttien jaar wordt, wordt de plaatsing beëindigd. Meestal loopt de betaling door tot de start van studiefinanciering of uitkering. Daarna stopt de begeleiding en betaling, ook als het pleegkind bij de pleegouders blijft wonen. Pleegouders zijn dan op zichzelf aangewezen. Het is aan hen om te besluiten wel of niet voor het kind, dat wellicht al jaren bij hen woont, te blijven zorgen en onder welke condities. Dat kan anders, vindt pleegzorgbegeleider Flip Woltering. Hij pleit voor een andere inzet van voortgezette hulpverlening.

Tijdens de plaatsing werd er geregeld somber of bezorgd gekeken. “Hoe ontwikkelt Jan zich? Hij heeft toch een achterstand, een beladen verleden en emotioneel loopt hij achter.” Nu Jan achttien wordt, moet hij het zelf kunnen, of zijn financiën nu wel of niet geregeld zijn. De begeleiding stopt of een begeleider moet in zijn vrije tijd langskomen… Jan moet zelfstandig verder, hopend dat hij op zijn pleegouders kan rekenen voor steun, advies en incidenteel wat financiële steun.

Raar dat u en ik voor onze eigen kinderen, hoewel achttien, nog een aantal jaren financieel verantwoordelijk blijven en aan­gesproken worden. De Staat der Nederlanden legt dit in geval van pleegzorg terug bij ouders waar soms in geen jaren contact mee geweest is of waar een kind nauwelijks of nooit gewoond heeft. Toch wordt een pleegkind afhankelijk van zijn ouders om zaken als studiefinanciering te regelen. Ouders willen in veel gevallen best meewerken maar willen, vanuit hun positie terecht, daar ook iets voor terug. Iets waar jongeren niet altijd op zitten te wachten. Al maakt het natuurlijk wel uit waarom je niet thuis kon wonen.

Op de proef stellen Voor  jongeren begint na hun achttiende een hectische periode. Er komt veel op hen af. Je hebt geprobeerd hen voor te bereiden, maar gelooft u maar dat het, ook voor eigen kinderen, vaak lastig is om alles zelf te regelen. Geregeld gaat er wat mis en moeten ouders bijspringen. In pleegkinderen is jaren geïnvesteerd, stapsgewijs vooruitgang geboekt met geduld, liefde en energie.

Die vooruitgang wordt na hun achttiende heftig op de proef gesteld. Een pleegkind kan een beroep doen op voortgezette hulpverlening, maar als het kind stabiel in het leven staat, moet hij het zelf kunnen. Er is namelijk geen ‘hulpvraag’. Behalve dat Joke een MBO- opleiding volgt, net over de grens en daarom geen studiefinanciering krijgt. Met als gevolg dat de pleegouders voor de kosten opdraaien. Die halen een meisje dat al jaren bij hen woont echt niet van school als het goed gaat. Dat is toch doodzonde?

Zelfredzaam?

Het huidige uitgangspunt is dat met achttien jaar plaatsing, begeleiding en vergoeding stoppen. Moet er niet eerst bekeken worden: ‘Kan dit kind zichzelf nu redden?’. Bekijk ieder jaar waarom hij, zij het nu wel zou kunnen. Dat kost geld. Maar op termijn levert het iets op.

Jongeren maken met een steuntje in de rug de stap naar de volwassenheid gemakkelijker. Pleegouders hoeven deze stap dan niet meer alleen op te vangen. Betaling en begeleiding kun je eventueel loskoppelen. Het is mijn overtuiging dat door langer doorgaan, on­gelukken en of vastlopende studies op zijn minst beperkt worden. Dat is winst!


Tags: , ,