Ondersteuning in de praktijk

Mobiel sprak met ervaren pleegouders die zelf hebben ondervonden hoe pleegouders en anderen elkaar kunnen helpen.

Weet je waar ik zo verschrikkelijk van baal? Dat die instelling en voogd maar niet willen snappen dat het helemaal niet lekker loopt en dat het, om de je weet wel, niet mee valt. Ze vinden Marieke zielig, nou ze moesten haar zelf maar eens een paar weken in huis nemen. Nooit is het genoeg voor haar, je moest eens weten wat die meid kost. En dan pas weer dat gezeur met die moeder die haar op zit te stoken. Met een vuurrood hoofd spuwt onze vriendin haar gal. Ze moet haar boosheid en teleurstelling kwijt. Gelukkig kennen wij de instelling en kennen wij Marieke en globaal haar geschiedenis en situatie. Een situatie die voor Marieke heel ingewikkeld ligt. In de steek gelaten door een moeder met ernstige psychiatrische problemen, die tijden niets laat horen en dan plotseling weer een kaartje of brief stuurt of huilend aan de telefoon hangt. Het wankele evenwicht en het gevoel van veiligheid van Marieke wordt dan weer verstoord. “Want een moeder? Daar hoor je van te houden,” volgens Marieke.

Ongenuanceerd mopperen

We laten pleegmoeder spuien. Het is een vrouw die altijd haar zaken op een rijtje heeft en ook inziet dat een gezinsvoogd of pleegzorgwerker geen wonderen kan verrichten. Het is haar duidelijk te veel op het moment. Wat een geluk dat we elkaar hebben om af en toe eens ongenuanceerd te mopperen, om al pratend ruimte te krijgen en zodoende zaken weer in proporties te zien en een plan op te zetten. Wij zijn blij dat we deze pleegouders hebben leren kennen op een cursus, jaren geleden. We ontdekten dat we soms op elkaar lijken en dat we tegen dezelfde dingen aan lopen. Na de cursus bleef er contact en omdat het ook tussen de kinderen goed klikte, kan er af en toe eens gelogeerd worden. Dat geeft ruimte om die dingen te doen die je met een veel jonger pleegkind en oudere kinderen samen niet kunt doen. Tijd ook voor jezelf om even bij te tanken, een weekendje weg. Weten dat er een mogelijkheid is om even een stap terug te doen. Dat geeft rust en ruimte om door te gaan.

Het mooist van al is natuurlijk dat we bewaren wat we in vertrouwen van elkaar horen, maar elkaar ook een tip of advies geven en de andere kant laten zien. We merken dat soms ook de (pleeg)kinderen op zoek zijn naar een vertrouwenspersoon: een jongere oom of tante, een buurvrouw, opa of oma waar ze hun hart eens kunnen luchten, hun problemen kunnen bespreken en advies kunnen krijgen hoe ze die bij ons aan zouden kunnen kaarten.

Twee margarinedoosjes en een vuilniszak

Wat ook een heel prettige zaak is dat als er een pleegkind komt, met zijn hele bezit in twee margarinedoosjes en een vuilniszak, er altijd mensen in onze omgeving zijn die wel willen helpen met bijvoorbeeld een box, een kinderwagen of met kleding waar hun eigen kind net uitgegroeid is. Vaak blijkt dat we vlot in de spullen zitten als er weer een kind komt.
Gelukkig hebben sommige voorzieningen ook een pleegouderdepot waar tal van zaken te leen zijn. Variërend van autostoeltjes tot tweelingkinderwagens, een bureautje of een fiets voor de wat oudere kinderen.

Familie pleegkind inschakelen

Het is heerlijk dat de kinderen en pleeg­kinderen geregeld ergens kunnen logeren en dat we daarvoor een beroep op vrienden en familie kunnen doen. Een dergelijk netwerk is natuurlijk goud waard. Het is echter ook goed om eens aan andere mogelijkheden te denken: het kan heel goed zijn dat het pleegkind af en toe eens alleen bij zijn eigen opa en oma kan logeren of bij zijn oom of tante die de volledige zorg om wat voor reden dan ook niet op zich hebben kunnen nemen, maar in weekends of stukjes vakantie de familieband levend willen en kunnen houden. Ik denk wel eens dat we daar te weinig gebruik van maken. Natuurlijk vergt het inzet om de familiecontacten goed te houden en ook het nodige georganiseer, maar je kunt er ook heel veel voor terug krijgen.  •
Midweek

“Het was al lang ingewikkeld met de oudste van onze pleegdochters van toen dertien, twaalf en tien jaar oud. Ik voelde dat het naar een climax ging. Onze verhouding werd steeds slechter en op een zaterdagavond deed ze iets waar ik geen raad mee wist. Ik kreeg het advies er eens even tussenuit te gaan om afstand te nemen van alles wat er gebeurd was. Hoe kon ik er tussenuit in deze situatie? Hoe moest het dan in dit gecompliceerde gezin?
Mijn zus belde zoals altijd op zondagavond en haar telefoontje begon heel gewoon met “Hoe gaat het?” Ik vertelde wat er gebeurd was. Doordat ze al goed op de hoogte was van het wel en wee in ons pleeggezin, begreep ze hoe de vlag erbij hing. Toen ik vertelde welk advies ik gekregen had, zei ze: “Ik kom een midweek en dan gaan jullie samen weg, plan maar wanneer…” Ik had natuurlijk duizend en één bezwaren: haar eigen gezin, haar werk en andere bezigheden. Ze wilde er niets van horen en moest nog deze week weten wanneer we weggingen. Die vijf dagen samen op Vlieland deden wonderen!
We hebben uren langs het strand gelopen, heerlijke fietstochten gemaakt en lange nachten geslapen. Herboren kwamen we terug en vonden een gezin waarin de rust was weergekeerd. Natuurlijk waren de problemen niet opgelost, maar we konden ze weer aan. Thuis hadden ze ook een prima week gehad. Lievelingskostjes gekookt, de oudste heerlijk haar hart gelucht en daardoor ook weer nieuwe moed. Het is traditie geworden. Elk jaar komt mijn zus in het voorjaar een midweek in ons gezin en wij gaan bijtanken voor een jaar. Hulde!”

Magda


Tags: , ,